HET GEWICHT VAN DE ZIEL

gewicht van de ziel

In het begin van de 20ste eeuw zocht de Amerikaanse arts Duncan MacDougall naar het gewicht van de ziel. Ja, u leest het goed: het gewicht van de ziel. Daar zat natuurlijk nog een andere agenda achter: indien het gewicht van de ziel vastgesteld kon worden, betekende dat ook dat indirect het bestaan van God een stuk aannemelijker was.

Hij zette dodelijk zieke patiënten met bed en al op een weegschaal. Vervolgens was hetwachten op het moment dat ze hun laatste adem uitbliezen.
Resultaat: op het vermeende moment van overlijden gaf de weegschaal gemiddeld 21gram minder aan. Om precies te zijn: 21,3 gram. Daarmee meende MacDougall aangetoond te hebben dat er zoiets als een menselijk ziel bestond en dat deze meetbaar was.

Alles welbeschouwd zou je verwachten dat als er een ziel bestaat, deze onstoffelijk is en dus gewichtsloos…
Maar goed: één-en-twintig-komma-drie gram. Als je het per post verstuurt gaat het om drie A-4tjes en moet je de enveloppe frankeren met een postzegel van € 1,56. Jammer van die 1,23 gram, want anders zou een postzegel van € 0,78 volstaan.

Om te onderzoeken of dieren ook een ziel hebben, bracht hij vervolgens vijftien hondenom door vergiftiging. Zelfde procedure: hij legde de stervende dieren op een weegschaal en mat hun gewicht voor, tijdens en na het sterven.
Resultaat: geen grammetje verschil.
Conclusie: dieren hebben geen ziel.

De bewijsvoering van MacDougall laat nogal wat te wensen over.
Ten eerste bewees hij uitsluitend een gering verlies in gewicht op het moment van overlijden. Als we uitgaan van een gemiddeld gewicht van een stervende volwassene van 60 kilo, dan is 21,3 gram om precies te zijn 0,0355%.
Ten tweede bestond zijn ‘onderzoeksgroep’ uit slechts zes personen en vijftien zielloze dieren.
Ten derde: wie vervolgens de beschrijvingen leest ziet dat er sprake is van verschillende uitkomsten. Van de zes onderzoeken blijken er twee af te vallen vanwege problemen met de meetapparatuur. In één geval was er sprake van een plots verlies van gewicht en verder niets. In twee gevallen was er eveneens sprake van een gewichtsverlies, maar dit bleef toenemen naarmate de tijd vorderde (misschien hadden deze personen nogal wat op hun ziel). In het laatste geval was er sprake van een afname in gewicht, gevolgd door een toename.

Niet direct wat je noemt harde en consistente wetenschappelijke bewijzen.
Verder zij nog vermeld dat de meetapparatuur in de betreffende tijd niet altijd even betrouwbaar was, terwijl de cruciale factor in het hele onderzoek, namelijk het exacte moment van overlijden, niet nauwkeurig bleek vast te stellen.

Ben benieuw of men toen ook al vond dat wetenschap gewoon maar een mening is.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s